06: 29 juli 2011
Het weer
Het heeft lang geduurd dit jaar, en er werd dan ook steen en been geklaagd, maar de zomer is eindelijk begonnen. En hoe! Een groot deel van Noord-Amerika werd vorige week getroffen door een hittegolf die tientallen doden eiste en een groot deel van Canada mocht delen in de pret.
Koelcentrum
Toronto was op donderdag 21 juli de heetste plek in het hele land. Het kwik steeg tot 37,1C en die dag was hierdoor de heetste 21 juli ooit gemeten in Toronto. Nog voor het licht werd, was er al een record gebroken. De temperatuur daalde namelijk niet lager dan 26,6C en werd zo de heetste nacht ooit gemeten in de stad. Het had echter nog warmer gekund. Tot opluchting van velen werd echter het absolute hitterecord voor Toronto, 38,3C in augustus 1948, niet gehaald.
Temperatuur is echter maar de helft van het verhaal. Vochtigheid is de andere helft. Op basis van temperatuur en vochtigheid wordt er een humidex, warmtegevoel, berekend. Dat is een maat voor de schijnbare temperatuur die we ervaren als het niet alleen erg warm is maar ook heel vochtig. Op 21 juli was dit 51, een bijzonder hoge waarde.
Op dagen zoals deze is de kans dat er doden vallen als direct gevolg van de hitte bijna 100%. Om die reden zijn er her en der koelcentra geopend waar iedereen welkom is. Die centra worden gekoeld met airconditioners en mensen kunnen er ook gratis koud water krijgen. Verder worden mensen in de media voortdurend geadviseerd geen zware inspanningen te doen, binnen te blijven bij de airconditioning en veel vloeistoffen te drinken. Dat laatste is een beetje mysterieus voor mij, want zouden er nu echt zoveel mensen zijn die vaste stoffen drinken?
Natuur
De uitbundige natuur in Toronto blijft me verbazen. Dankzij de vele parken en beschermde natuurgebieden bevindt iedereen in Toronto zich op wandelafstand van een park of natuurgebied. Het park waar ik het vaakst kom, is de Brick Works, een industrieel-archeologische site waar de klei en leisteen gewonnen werd waarmee heel wat van de historische gebouwen van Toronto gebouwd zijn en die de afgelopen jaren tot park, natuurgebied en natuurcentrum omgevormd is.
Brick Works vijver |
Gewone bijtschildpad - Chelydra serpentina |
Witstaarthert - Odocoileus virginianus |
Blauwschicht (mannetje) - Pachydiplax longipennis |
Libellula pulchella (sierlijke libel) |
Oostelijke kousenbandslang - Thamnophis sirtalis |
Een ander park waar ik vaak kom, is Tommy Thompson Park, een kunstmatig schiereiland in het Ontariomeer. Het is grotendeels gebouwd met bouwafval en was oorspronkelijk bedoeld als uitbreiding van de haven. Die uitbreiding is er nooit gekomen en hoewel er nog steeds gestort wordt, heeft de natuur een groot deel ervan veroverd. Het is de belangrijkste plek voor vogelaars in Toronto omdat veel trekvogels en trekvlinders dit schiereiland gebruiken als laatste rust- en verzamelplek voor ze over het Ontariomeer naar het zuiden trekken, of omgekeerd.
Tommy Thompson Park is ook bekend als broedplek voor vogels die broeden in kolonies, zoals meeuwen, visdieven, aalscholvers en reigers. Bovendien is het een plek waar prachtige zonsopgangen gezien kunnen worden.
Amerikaanse moerasschildpad - Emydoidea blandingii |
Kwak - Nycticorax nycticorax |
||
Grote zilverreiger - Ardea alba |
Zonsopgang in Tommy Thompson Park |
Life on the Edge
Toronto is een nieuwe attractie rijker, de Edgewalk. De CN Tower is wereldbekend en was ooit het hoogste gebouw ter wereld. Dat is niet langer zo, maar het blijft natuurlijk wel een bijzonder hoog gebouw. In de toren is een ronddraaiend restaurant waar iedereen die naar Toronto komt echt heen zou moeten gaan.
Voor de durvers onder ons is er nu de Edgewalk, de gelegenheid om een wandeling te maken op het dak van het restaurant, op 356 meter hoogte. De attractie is splinternieuw en gaat pas op 1 augustus open. Meer informatie op de website van de attractie.
CN Tower |
CN Tower |
Rob Ford in moeilijkheden
De populistische burgemeester van Toronto, Rob Ford, is in moeilijkheden. Hij had mensen beloofd dat hij meer zou doen met minder, dat hij de privileges van politici en ambtenaren zou afschaffen en hierdoor de kosten drastisch zou drukken. Jammer genoeg blijkt het ontslaan van de koffiedame van het stadsparlement dan toch niet voor gigantische besparingen gezorgd te hebben en de stad moet nu een gat in de begroting dichten van meer dan 750 miljoen dollar.
De vorige burgemeesters, van Barbara Hall over de clown Mel Lastman tot David Miller hebben allemaal meegedaan aan de Gay Pride Parade. Rob Ford, een goede vriend van onze evangelische en sinistere premier Stephen Harper, weigerde dat resoluut. Gay Pride lokt jaarlijks meer dan een miljoen bezoekers naar de stad en is een van de economische hoogtepunten voor het toerisme, maar dat is duidelijk onbelangrijk voor hem.
Om het nog erger te maken ligt hij nu onder vuur omdat een dame hem heeft opgemerkt dat hij aan het stuur van zijn auto aan het mobilofoneren was, iets wat hier ten strengste verboden is. Toen ze hem hierop aansprak, stak hij zijn middelvinger uit, een obsceen gebaar.
Toen hij er in een interview naar gevraagd werd, werd dat abrupt beĆ«indigd door zijn perschef. Hij heeft later getwitterd dat hij inderdaad aan het mobilofoneren was aan het stuur van zijn auto, maar dat het obscene gebaar een “misverstand” was.
De politie heeft nog wat olie op het vuur gegooid door mee te delen dat ze het gebeuren niet gaan onderzoeken, ondanks zijn bekentenis, en dat Rob Ford dus vrijuit gaat. Hun argument is dat een onderzoek na de feiten bijzonder moeilijk, langdurig en duur zou zijn en dat ze zoiets niet zouden doen voor gewone burgers en dat ze Rob Ford dus eigenlijk speciaal zouden viseren als ze dat wel zouden doen.
Het hele gebeuren is uitgebreid besproken in de media, en zoals steeds zijn er twee kampen. Gemeenteraadslid Giorgio Mammoliti verdedigde de burgemeester door te stellen dat hij een unieke burgemeester is omdat hij zelf rijdt en geen chauffeur heeft. Hij vergeet daar wel gemakshalve bij dat de vorige burgemeester vaak gewoon met de fiets naar het werk kwam. Bovendien is dit een mooie illustratie van het onbeleid van Rob Ford: privileges afschaffen mag dan wel kordaat lijken, maar als je hier en daar 50 of 100 duizend dollar bespaart terwijl je er elders honderdduizenden of miljoenen extra uitgeeft, zal het effect ervan wel heel beperkt zijn.
Een voorbeeld hiervan is dat hij de fietspaden van Jarvis Street wil weghalen. Het heeft vorig jaar ongeveer 70duizend dollar gekost om die aan te leggen, en het zou meer dan 300duizend dollar kosten om ze weer te verwijderen.
Zijn broer, Doug Ford, heeft het aan de stok met een van de levende legendes van Canada, de schrijfster Margaret Atwood. Hij had gezegd dat er in zijn kiesdistrict meer bibliotheken waren dan Tim Horton’s koffieshops en dat er dus best enkele mochten gesloten worden. Margaret Atwood is het daar uiteraard niet mee eens, en Doug wist niet beter dan te verkondigen dat hij nog nooit van Atwood had gehoord en dat hij haar niet eens zou herkennen als hij haar zag. Hij voegde eraan toe dat ze zich maar moest laten verkiezen en dat hij dan wel naar haar zou luisteren.
Ondertussen heeft Doug gezegd dat hij Margaret Atwood wel degelijk kent en dat hij wel naar haar wil luisteren, maar het zal wel duidelijk zijn: de gebroeders Ford hebben maar weinig kaas gegeten van beleid voeren en zo mogelijk nog minder van cultuur.













